De Dorpskerk


Kerkhof en Kerk

In een kapellenlijst van 1315 wordt Beetsterzwaag al genoemd. De kerk van Beetsterzwaag ligt niet, zoals in veel Friese dorpen, in het centrum, maar iets ten Noorden van de hoofdstraat. Oorspronkelijk lag de kerk wel precies in het centrum: aan de kruising van het Kerkepad West en het Kerkepad Oost en nog een ander pad dat naar Boornbergum leidt. Deze kerkepaden vormden de oudste verbindings wegen tussen Beets, Beetsterzwaag en Olterterp. Gaandeweg is deze weg, die nu Hoofdstraat heet, echter belangrijker geworden als verbinding tussen de dorpen.

Van de middeleeuwse kerk, gewijd aan Sint Maarten, Tekeningis een afbeelding bekend, gemaakt door de tekenaar J. Stellingwerf. Maar de betrouwbaarheid hiervan is onzeker. Tegen het einde van de achttiende eeuw was de middeleeuwse kerk in zeer slechte staat geraakt. Op een gemeentevergadering van lidmaten van de kerk (4 februari 1803) werd het voorstel gedaan, dat een nieuwe en grotere kerk gebouwd zou worden, geheel op kosten van de Heren Reinhart van Lynden, Tinco en Benedictus van Teyens en Juffer Hijma van Teyens.

Eerste steen

Op 7 april 1803 is de eerste steen van de kerk gelegd en in 1804 in gebruik genomen. Ter herinnering aan hun royale schenking van de bouwkosten, kregen beide families een herenbank in de nieuwe kerk. Deze staan beide aan een kant van de zogenaamde adelsdeur in de kerk. Door deze deur kwamen alleen deze families de kerk binnen. Bij de restauratie in 1964 is er aan die kant van de kerk een bijgebouw gebouwd, dat nu als consistorie en vergaderruimte gebruikt wordt.

De windvaan op het koorgedeelte van de kerk draagt de wapens van de families, die de kerk gebouwd hebben. In de kerk zijn enkele elementen uit de oude kerk van voor 1804 te zien: de zeventiende eeuwse preekstoel en een koperen kaarsenkroon, met de inscriptie: ‘Tot Eer en Gloorie van Godt’ en een deel van het doophek.

Giften

Bij de ingebruikname van de kerk in 1804 is een lijst opgesteld van alle giften. Hiervan zijn de belangrijkste: de koperen lessenaar voor de grote Bijbel op de kansel met de initialen van de schenker in krulletters: F. G. A. B. v. L.- Baron van Lynden. Juffrouw Van Teyens schonk een koperen lessenaar voor de voorlezer, haar initialen staan er ook in krulletters op. De koperen blakers en kleine kandelaars worden niet genoemd en zijn misschien nog afkomstig uit de oude kerk.

KroonOud-Fiscaalske van der Vecht schonk ook een koperen kaarsenkroon. Evenals Raadsheer van Boelens. Nog steeds hangen de drie koperen kronen in de kerk. Procureur Fiscaal Idzerda gaf twee zwarte fluwelen armzakjes (collectezakjes voor de diaconie) met franjekwastjes met aan ieder zakje een zilveren belletje.

Freule van Lynden droeg een zilveren doopbekken in een koperen ring bij. In de kerk zijn de oude grafstenen van de familie Fockens, bewoners van Fockensstate, in de vloer gelegd. De oudste grafzerk is voor Hepcko Fockens, grietman over Opsterland en Gedeputeerde van Friesland, overleden 19 maart 1614 en zijn vrouw Martien Martini.

In dit graf ligt ook begraven Saco Fockens, grietman over Lemsterland, overleden 13 december 1665. De andere grafzerk is van Martinus Fockens, zoon van Hepcko en Martien, ook grietman over Opsterland, gestorven 18 januari 1635. Deze grafzerken zijn ook bij de restauratie van 1964 bewaard gebleven. Alle andere grafstenen zijn toen uit de kerk verwijderd. Op het kerkhof vinden we de graven van vele bekende families uit de geschiedenis van Beetsterzwaag, waaronder die van de families Van Harinxma thoe Slooten en Van Teyens.

De oudste grafsteen, op rij 13 aan de zuidkant van de kerk, is van Jan Janssen Lauswolt, dorpsrechter en lakenkoper te Beetsterzwaag, overleden 2 juli 1655 en van zijn huisvrouw Antje Hendrickx, overleden 2 juni 1665. In het midden van deze hardstenen zerk is het alliantiewapen nog duidelijk te zien.

Binnen een hekwerk met symbolen van het eeuwig leven, de slang met de staart in de bek, liggen Frouwkjen Alberts, husvrouw van Benedictus Van Teyens, met haar drie kinderen Saco, Etta Arnolda en Oene Van Teyens begraven. Zij waren de laatsten van dit geslacht. Hun naam leeft voort in de Van Teyensfundatie.

Halverwege de negentiende eeuw wilde Baronesse van Lynden, geboren Van Borcharen, de kerk een orgel schenken als herinnering aan haar jong gestorven dochter Ypkjen Hillegonda. Het orgel werd gebouwd door de orgelbouwers L.van Dam en zonen te Leeuwarden. In 1856 werd het orgel feestelijk in gebruik genomen met een orgelconcert. Het orgel werd in 1952 gerestaureerd door de firma Flentrop. Een koperen bordje aan de orgelgalerij vermeldt het bouwjaar en de schenking.

Wapenborden

De wapenborden in de herenbanken zijn geen  rouwborden. Het zijn wapenborden ter herinnering aan de bouwers van deze kerk, geschilderd door Jelle Terluin, deskundige op het gebied van de heraldiek, bij het tweehonderdjarig bestaan van deze kerk in 2004.

teDe toren van de kerk is volgens de Staatsregeling van 1798 eigendom van de overheid: de gemeente Opsterland. In de toren hangt de klok, die in 1793 door Cornelis Crans te Enkhuizen is gegoten. In de kerk onder de orgelgalerij hangt de oorkonde van de vereniging van de Hervormde Gemeente en de Gereformeerde Kerk, 17 september 1997, toen de Samen op Weggemeente Via Pacis - de weg van de vrede - te Beetsterzwaag Olterterp genoemd, Inmiddels de Protestantse gemeente Via Pacis. Deze kerk wordt nog regelmatig gebruikt voor avonddiensten en bijzondere diensten. De gemeente houdt de morgendiensten in De Ontmoetingskerk, (de voormalige gereformeerde kerk) aan de Vlaslaan.