De Hippolytuskerk


Hippolytus

Wie de hervormde Hippolytuskerk in Olterterp ziet, begrijpt meteen waarom de kerk zo’n geliefde trouwlocatie is. De kerk ligt verscholen in het groen en heeft een zeer ‘knus’ interieur.

Dat groen was er allemaal nog niet toen het kerkje in ongeveer 1415 gebouwd werd. Olterterp was in die tijd omgeven door kale, onvruchtbare heide.
Waarschijnlijk is de kerk genoemd naar bisschop Sint Hippolytus, die rond het jaar 200 leefde in Rome. De kerk had in die tijd nog geen toren, maar wel een klokkenstoel. Die klokkenstoel werd in 1744 vervangen door een kerktoren, waarvoor de kerkgangers 500 gulden moesten betalen. Dat bedrag is vermeld op een gevelsteen aan de voorzijde. De toren werd bekroon door een spits en de muren zijn voorzien van dubbele, rondbogige gesloten galmgaten.
De kerk heeft waarschijnlijk in de loop van de eeuwen wel een paar kleine veranderingen ondergaan (zoals een trapgeveltje aan het eind van de achttiende eeuw), maar die zijn nauwelijks van betekenis geweest voor het uiterlijk van de kerk. De kloostermoppen (oude friezen) dateren grotendeels nog van 1414. De zijmuren vertonen een onregelmatig patroon van spitsboogvensters. De aanpassingen zijn vermoedelijk gedaan om licht in de kerk te krijgen. De rechte koorafsluiting heeft drie spitsboogramen (de middelste hoger) en een klein rond venster daarboven.
Interieur
Het interieur van de kerk is van aanzienlijk recenter datum. Het kreeg in de jaren vijftig van de vorige eeuw een nieuwe, warmrode kleurstelling. Het altaar en de beelden zijn ten tijde van de Reformatie verwijderd, maar er blijven genoeg andere dingen over om naar te kijken. Zo zijn er de geschilderde rouwborden en de rijkgesneden kansel. In het koor, afgesloten door een hekwerk met vier houten gecanneleerde vazen, herinnert een halfronde Bremersteen met een kruis nog aan het Roomse verleden. De steen is zeer waarschijnlijk overgebleven van het oude interieur en kreeg later de inscriptie ‘1718’ en de letters ‘INRI’. Die letters zijn in vele oude kerken terug te vinden en staan voor ‘Iesus Nazarenus Rex Iudaeorum’ (Jezus van Nazareth, Koning der Joden).
De preekstoel, gemaakt in circa 1780, wordt ondersteund door een adelaar. Op de kuippanelen zijn in fors reliëf de figuren gesneden van Mozes met de wetstafelen en de vier evangelisten met hun bijbehorende symbolen: Matteüs met een engel, Marcus met de leeuw, Lucas met de os en Johannes met de adelaar. Op de kansel valt verder de koperen zandloperhouder met de houten zandloper in het oog, waarschijnlijk ooit bedoeld om de lengte van de preek in de gaten te houden. Een rijk geornamenteerde lessenaar maakt de kansel compleet.

rouw bordDe vijf rouwborden in de kerk stammen alle uit de achttiende eeuw en zijn van de families Lycklama à Nijeholt en Boelens. Het wapen van de Lycklama’s toont een Franse lelie, een eikenstam waar nieuwe eikels uit spruiten op nieuw hout (verwijzend naar de naam: nije holt). Het wapen van de familie Boelens heeft een eikel, een vlasbloem en weer een eikel.
Op de vloer van de kerk liggen een aantal grafstenen van het geslacht Boelens uit de zeventiende en achttiende eeuw. De familie heeft vanaf de zestiende eeuw een nauwe band met het dorp Olterterp en zijn kerk. De Boelens zorgden onder meer voor de aanleg van bossen rond Olterterp en organiseerde de bouw van de kerktoren.

Het orgel van het kerkje is van 1988 en is gemaakt door de orgelbouwers Gebr. Reil uit Heerde. Een Oostenrijkse houtsnijder maakte snijwerk van een harp, een trompet, een viool en engelenkopjes aan de voorkant van het orgel. Het orgel heeft twee handklavieren en een pedaal.